Vorig jaar mocht ik op bezoek bij de tweelingbroer van Jules, Julien, die toen als de tandem D’Huyvetter-Dhondt de 1ste Nat. Libourne won tegen 8.242 jaarlingen alsook de schoonbroer van Julien, Germain Dhondt die de 1ste Nat. Perpignan won tegen 5.572 oude duiven. Maar deze keer is het de beurt aan Jules die in 2007 reeds de 1ste Nat. Brive won tegen 16.008 oude. De families D’Huyvetter & Dhondt gaan duidelijk de duivensportgeschiedenis in als houders van een potentieel aand nationaal winnaarsbloed.

Jules D'Huyvetter met de nationale winnaar Chateauroux YL 2012.
“Ik ben geen geldspeler”
zo vertelt Jules, “ik geef meestal nooit meer dan 3 tot 4 duiven mee op een fondvlucht en ze gaan mee gewoon voor prijs. Voor de nationale vlucht uit Chateauroux had ik 2 duiven mee en ik had geluk, mijn eerste afgegeven jaarling, mijn Bonte Wittekop, was op post. Hij vliegt de 1ste provinciaal in Oost-Vlaanderen en wint ook de 1ste nationaal. Voor de vlucht uit Limoges Oude had ik 4 duiven ingekorfd. Mijn eerst geklokte duif kaapt nog de 2de provinciaal weg in Oost-Vlaanderen en wordt 8ste nationaal. Hij heeft nog wat gelet alvorens binnen te komen maar ik ben toch superblij met de onverhoopt goede resultaten van dit weekend.”

De jaarling 4263517-11 Nationaal winnaar 2012 Chateauroux bij de JL.
De bloedlijn van de 1ste Nationaal Chateauroux (4263517/11)
De 4263517/2011 is een kleinzoon van “Alfred”, de 4082656/2005 die in 2007 de 1ste Nationaal Brive won.
De ouders : Vader : ras Roger Vancolenberghe uit Zulte
Moeder : 3199955/2007 – dochter Alfred x Laura
Grootouders langs moeder’s kant :
- grootvader : Alfred 4082656/05 uit Blauwe Crack 4160155/00 (100% Gaby Vandenabeele via Clément De Waele) x Laatje 4242049/04 (oud ras Gilbert Vande Weghe).
- grootmoeder : Laura (samenkweek duivin van Gaby Vandenabeele)
Hier toch een woordje uitleg :
Vooraleer Alfred, na het winnen van de 1ste nat. Brive, verkocht werd, stelde Gaby Vandenabeele (een sportvriend van Jules) voor om via kunstmatige inseminatie aan samenkweek te doen. Gaby liet een expert uit Duitsland overkomen en 6 duivinnen van Gaby werden kunstmatig bevrucht. De jongen die daaruit voortkwamen werden eerlijk verdeeld en Jules bekwam zo nog 5 nakomelingen van zijn Alfred, nl. 2 duivers en 3 duivinnen. Eén van die duivinnen werd de moeder van deze nationale winnaar uit Chateauroux.
Alfred zelf werd bekomen via Jules’ sportvriend wijlen Clément De Waele die in 1991 eieren kocht bij Gaby Vandenabeele. Clément, van beroep schoenmaker in Olsene, werd zwaar ziek. Hij moest zijn duiven wegdoen en zo bekwam Jules eieren van Clément met de bloedlijn van Gaby Vandenabeele. Evenzo kwam Gaby bij Jules terecht toen Alfred de Brive won.

Het hok van de 1ste nat. Chateauroux en de 8ste nat. Limoges 2012.

Een hok met weduwnaars
Historiek
Jules, nu een jonge zestiger, is om ’t zo te zeggen opgegroeid tussen de duiven. Zijn vader Alfred speelde reeds met de duiven en zijn 2 ooms (2 gezworen vrijgezellen) waren eveneens fervent duivenliefhebber. Toendertijd was vader Alfred verzorger van de renpaarden bij de succesvolle fondspeler Gilbert Vande Weghe. Zo werd het eigen oude ras gekruist met duiven van Gilbert en werd de basis gelegd voor een sterke kolonie.
Toen Alfred overleed nam Jules, die toen al een deel van de verzorging van de kolonie op zich nam, de leiding over en werd er verder gespeeld onder de naam van zijn moeder nl. Weduwe D’Huyvetter Alfred. Aangezien Jules toen nog werkte bij Petersime (producent van broedmachines) nam moeder een gedeelte van de verzorging van de duiven voor haar rekening. Een paar jaar terug besloot Jules onder zijn eigen naam te gaan spelen op de bestaande hokken in de tuin van het ouderlijk huis. Er werd niets aan de hokken vernieuwd of veranderd. “De hokken zijn oud maar nog niet versleten”, zo zegt Jules, “ vader zei altijd dat voor de duif het uitzicht van het hok niet van belang is. De hokken moeten functioneel zijn en een droog en goed geventileerd onderkomen vormen voor de duiven, dat is het belangrijkste en ik deel vader’s mening”.
Ondertussen waren daar de eieren van sportvriend Clément De Waele bijgekomen en zo kwam de soort van Gaby Vandenabeele op het kweekhok terecht.
De bloedlijnen Vande Weghe & Vandenabeele pasten goed bij mekaar en samen met het eigen oude ras & het ras van Roger Vancolenberghe werd een sterk kweekhok samengesteld.
Hedentendage is e.e.a. geëvolueerd naar een kweekbestand met bijna uitsluitend ras Vandenabeele.

Het hok van de jonge duivertjes

De voliere van de jonge duivinnen
De start in 2012
Jules heeft 25 kweekkoppels waarvan 19 vaste kweekkoppels en 6 koppels die de onderleg van de 6 beste kweekkoppels moeten uitbroeden. Die 6 kweekkoppels leggen opnieuw en ze kweken deze jongen dan zelf op.
Er wordt gekoppeld begin december en Jules kweekt 1 ronde jongen (een 45-tal).
Zij worden niet verduisterd noch bijgelicht.
Op de hokken zijn geen verwarmingsplaten dus de drinkfonteinen worden ’s avonds uitgegoten om bevriezen te vermijden. De laatste voederbeurt op het kweekhok is om 16 uur en om 17 uur is het donker.
De duiven vliegen niet uit tijdens de winterperiode. Ze blijven op het hok. Het venster staat open en ze kunnen in de spoetnik.
De vliegploeg bestaat uit 11 jaarlingen en 15 oude weduwnaars. Zij kweken niet en werken het Nationale programma af. Jules speelt niet met duivinnen.

De oude weduwnaar 4202925-08 werd 2de provinciaal O-VL en 8ste Nationaal op Limoges 2012.
Het spel
Jules heeft een voorkeur voor vluchten tot 800 km.
De jonge duiven worden goed opgeleerd maar niet gespeeld.
Jules gaat er een 3-tal keer zelf mee weg en dan krijgen ze nog een Arras, 2 keer Clermont, 2 keer Angerville en een Blois of een Tours, en gedaan …
De duivinnen worden opgeleerd en gaan dan in de volière, de duivertjes worden op weduwschap ingekorfd. Ze gaan in de mand als bijduif of worden met het streepje gespeeld.
Als selectie geldt dat ze in de 1ste helft van de uitslag moeten komen.
De inkorflokalen zijn Waregem en Zulte.
De weduwnaars krijgen hun duivin in maart. Ze mogen 4 dagen broeden en dan gaat alles weg en zitten ze op weduwschap. Tijdens die periode worden ze door Jules een paar keer weggevoerd en dan gaan ze de grote mand in.
De jaarling duivers worden in 2 ploegen verdeeld . Elke ploeg vliegt 3 nationaals en stop, dus 6 nationaals in totaal.
Selectie : als een jaarling zich 2 keer “toont” op een nationale vlucht wordt hij gestopt. De anderen vliegen nog een 3de nationaal als verdere test.
De oude weduwnaars blijven door de band 4 jaar op het vlieghok.
Zij worden verdeeld in 3 tot 4 ploegen en werken het nationale programma af.
Zij krijgen 3 weken rust tussen de verschillende vluchten.
Selectie : hier geldt als criterium dat ze zich in de eerste honderd nationaal moeten klasseren.
Bij het inkorven van de weduwnaars wordt de duivin getoond, maar ze zit halfbak, dwz, de duiver kan er niet bij.
Bij thuiskomst zit de duivin klaar. Als Jules terugkomt van de maatschappij wordt ze terug weggenomen.
Voor de nationale vluchten wordt ingekorfd in Gent.
Trainen moet 2 keer per dag. De jongen trainen na de weduwnaars.
Als het slecht weer is vliegen ze niet uit.
Om de 2 weken en bij goed weer krijgen ze een bad in de spoetnik. Jules doet daar een beetje bleekwater bij.
Na het seizoen krijgen de weduwnaars nog 1 dag hun duivin, dan worden ze weer gescheiden.

Het verblijf van de kweekkoppels.
Jaar in jaar uit met de lepel!
Jules haalt zijn duivenvoer bij De Stoop (Waregem). Een firma die zelf zijn mengelingen maakt en zeer gekend is in de streek.
Hij geeft het ganse jaar door kweek aan alle duiven. Bij de kweekkoppels is dat een “bolle” lepel, bij de vliegploeg ’s morgens en ’s avonds een afgestreken lepel.
Een paar dagen voor het inkorven wordt wel met kweek opgevoederd.
Midden de week gaat er biergist met lookolie op het eten ofwel vitamineral met lookolie.
Twee dagen na thuiskomst krijgen de duiven Naturaline ( Natural ) of appelazijn (Pomappel van Belgavet) in de drinkfontein gedurende 2 dagen.
Na de training ’s morgens krijgen de weduwnaars in hun eigen bak een beetje snoep en wat pindanootjes en een lepel zuivering. In de namiddag wordt de zuivering vervangen door kweek. Ze zitten in open bak . De drinkfontein staat op de grond.
Tijdens de rui wordt thee gegeven. (Natural en Versele)
Alle duiven krijgen elke week vers grit met anijs.

Links de voliere met de kwekers - spoetnik links en midden voor de vliegploeg - spoetnik rechts voor de jongen en voliere rechts voor de jonge duivinnen.
Medisch
Voor de inentingen tegen Paramyxo en Pokken(borsteltje) komt dierenarts Valérie Degroote (Olsene) aan huis.
Een paar weken voor de kweek gaat Jules met een aantal duiven en staaltjes mest naar Dr. Norbert Ally (Aarsele). Een tweede bezoek met enkele weduwnaars is gepland net voor het vliegseizoen van start gaat.
Jules is er ook voorstander van om de producten die hij nodig acht om zijn kolonie gezond te houden uit Holland bij te halen. “Veel gemakkelijker dan in België” zo verklaart Jules, “hier heb je voor alles voorschriften nodig of je kan het gewoon niet krijgen en in Holland ligt het gewoon in de winkel”.
Kuren tegen Paratyphus : 10 dagen met Parastop (alle duiven).
Tegen de wormen geeft Jules pilletjes.
Bij thuiskomst van een vlucht krijgen de vliegers een 2 –daagse kuur tegen Tricho en Cocci (Giantel).
Jules gebruikt geen oogdruppels noch oogzalf.
De ideale duif …
“De duif moet niet te groot maar ook niet te klein zijn, sterke spieren en een sterke rug hebben, gesloten zijn en een zachte pluimage hebben. En ik zie graag witogen. Da’s voor mij de ideale duif”, zo besluit Jules.
De broers D’Huyvetter hebben ondertussen al 3 Nationale overwinningen behaald : 2 bij Jules in 2007 en 2012 en 1 bij Julien in 2011. Da’s een knap staaltje vakmanschap!
Benieuwd wie de volgende Nationaal op zijn naam zal mogen zetten.







