Er zijn zo van die grote overwinningen die je voelt aankomen. Op de vooravond van de nationale vlucht uit La Souterraine gekscheerde men nog in Zottegem wie de tweede gelukkige nationale winnaar van 2009 zou worden. Nadat 2 weken geleden Freddy Van Sterthem glansrijk afgevlagd werd op Argenton, was het even koffiedik kijken wie de tweede nationale driekleur zou meebrengen naar Zottegem. Immers, de historiek van de voorbije jaren toont duidelijk aan dat de maatschappij ‘Recht en Plicht’ jaarlijks twee nationale winnaars mag vieren.
En dat vooral de jaarse vliegploeg van Raf Den Haese uit Moortsele, deelgemeente van Oosterzele, al het ganse jaar schittert op de halve fondvluchten, was ons oog niet ontsnapt. In de Duivenkrant van 2 juli brachten we dan ook een kort relaas van dit hok.
Raf Den Haese
‘Maar om daarom nationaal te winnen, hoef het toch allemaal een beetje mee te zitten’, verklapt Raf mij de volgende zondagmorgen. Uiteraard speelt de stroom van de massa en de wind een heel voorname rol. Alhoewel met wisselende windrichtingen in Frankrijk en België zit de kop van de uitslag toch nogal wat verspreid. Maar vooral de duiven hoeven op de piek van hun forme te zitten en bovendien over heel wat explosiviteit te beschikken.
‘Niet mijn beste, wel de meest explosieve’
Toen de blauwe jaarse duivin om exact 15u 19min en 29seconden werd geklokt, was het meteen duidelijk dat een kopduif in de maak was. Van de vaste informanten uit de Scheldestreek was immers nog geen teken van leven gekomen en ook bij de aanmelding in Zottegem waren alle lijnen nog open. Al vrij snel werd vernomen dat de eerste oude duif in Eeklo – een duif van Gevaert-Lannoo uit Meigem - , vliegend op een vergelijkbare afstand, ook rondom dezelfde tijd werd doorgegeven. Nadat de juiste afstanden werden ingevuld, werd de voorsprong duidelijk. Spoedig kwam het hoopgevend bericht van de provinciale afdeling KBDB. De nationale overwinning kon niet meer ontsnappen.
Voor deze nationale wedstrijd uit La Souterraine werden nog bijna 4.500 oude – oude en jaarse vliegen samen – en 18.000 jongen ingemand. Raf Den Haese was donderdagavond richting Zottegem getrokken met 8 oude duivinnen en 19 jonge duiven in zijn kevies. De uiteindelijke winnares werd als 6de ingetekend.
‘Schrijf maar op dat het zeker niet mijn beste vliegduivin is’, verklapt Raf heel oprecht. ‘Als je voor de kampioenschappen speelt, heb je vooreerst vaste duiven nodig. Vandaar dat ze niet bij de eerste werd afgegeven. Dat ze uiteindelijk als 6de werd afgeven, is verder puur toeval. Het is een duivin van uitersten: ofwel heel vooraan, ofwel uren te laat’. Op Bourges I van 23 mei vloog ze meteen 3de op 545 (provinciaal 13/3981 jaarse), op Argenton van eind juni 11/722, op Bourges II van 25 juli 12/348.
De topduivin van die jaarse ploeg, is inderdaad de ‘030’ ook van 2008. Trouwens, deze ‘030’ duivin werd zaterdag als tweede duif geklokt uit La Souterraine en eindigt volgens de eerste nationale prognoses nog nipt binnen de top-10. De week voordien werd ze nog knap 10de van 316 duiven uit Tours.
Lokaal mag Raf over de hele lijn met tevredenheid terugkijken op La Souterraine: 6/8 bij de oude (waaronder 1 en 2) en 9/19 bij de 741 jongen, beginnende met zijn eerste getekende op de 38ste plaats.
‘Met pedigrees speel ik niet, wel met duiven’
Geboren op de vooravond van de laatste wereldoorlog, kent de duivensport na 55 jaren succesrijke beoefening voor deze gewezen handelaar nog weinig geheimen. ‘De goeie soort, gezondheid, en streng selecteren, dat zijn mijn drie geheimen’, lacht Raf elke opmerking over papieren duiven weg.
Pas 2 jaar geleden werd met dorpsgenoot Eric Hofman een akkoord gesloten om de kweekduiven samen onder te brengen in de nieuwe accommodatie in Scheldewindeke.
Raf Den Haese, samen met zijn vriend Eric Hofman (links)
Het seizoen 2009 werd aangevangen met 22 weduwnaars, 14 vliegduivinnen en 80 jongen. Een aantal dat ondertussen over alle geledingen gehalveerd is.
De vliegduivinnen kweken niet voor het seizoen; alleen een korte broedperiode voor Kerstmis volstaat. ‘Bij het spel met die vliegduivinnen komt het er vooral op neer om de paringsdrift in toom te houden. De liefde voor hun thuisblijvende duiver moet erin blijven, anders vliegen ze er onherroepelijk tussen uit. Enkele dagen in de volière kan wonderen verrichten, en wie zich nog niet gedraagt, eindigt vaak een stille dood’ beklemtoont Raf.
Alle duivinnen vliegen samen uit. Jong en oud krijgen ook dezelfde kost opgediend. Geen vluchtmengeling, dat koopt Raf niet. Wel veel dieet en alleen op woensdag en donderdag een flinke scheut kweekmengeling.
Om de gezondheid van zijn kolonie te bewaken, trekt hij minstens elke 2 weken naar een collega liefhebber, die de basisonderzoeken onder de knie heeft.
De nationale winnares
De vleugel van de nationale winnares
De nationale winnares, een witoog, draagt integraal het bloed van Eric Limbourg uit Brussegem. Zowel langs vaders als moederszijde vinden we wel twee eigen gekweekte producten terug, doch deze stammen direct af van 4 rechtstreekse aanwinsten van vernoemd hok. In de vader, een blauwe vlieger van 2007, overheerst de lijn van ‘de Slappen’, een zoon van de beroemde ‘Joost’, terwijl de moeder nog een afstammelinge is van de fameuze ‘Blue Ace’. Het voorbije decennium zijn meerdere aanwinsten uit Brussegem richting Oosterzele verhuisd. ‘En als je tevreden bent, dan blijf je daar maar komen’!







