Pitts-globePitts-loginPitts-premiumPitts-registerPitts-search

Heldenduiven en wapenstilstand

Geplaatst op 08/11/2017, Auteur: info@pitts.be


Eduard was ooit een olijke cafébaas. Op zijn pasfoto stond: ‘beroep: herbergier’. We schrijven 1917. Een klein cafeetje zoals er wel 50 waren in het dorp. Een paar vierkante meter groot. In de andere kamer was er een winkeltje met een aparte ingang. Een winkeltje van amper enkele vierkante meter. Eén van de 40 winkeltjes in het dorp. Een dorp van 600 inwoners dat in Wereldoorlog I op een spookdorp leek. In de buurt was er in 1914 hevig gevochten. De Slag op de Zeven Zillen werd er beslecht op 18 augustus 1914. Zo een 2.400 Belgische soldaten (hoofdzakelijk van het 22ste linieregiment) moesten de Duitse legermacht (bestaande uit zo'n 80.000 soldaten) staande houden. Meer dan de helft van de Belgen kwam om of raakte gewond. De vier hoekhuizen van het dorp werden als represaille door de Duitsers in brand gestoken. De school deed dienst als veldhospitaal. De oorlogsgruwel was dagelijkse realiteit. Het duurde een poos eer het dorp zich herstelde. Mensen hielpen elkaar. Ze moesten wel uit noodzaak om te overleven. De kinderen gingen bij de welstellende boeren helpen en in ruil kregen ze graan en andere landbouwgewassen. In ieder huis was er een klein boerderijtje. Het varken, de koe, de kippen.. Meer niet. Of toch? Als Den Duits ze niet aansloeg. Incorporatie! Een zoon van Eduard vocht mee in het leger. In de Westhoek. Aan het front. Evenzo enkele dorpsjongens. Enkele postkaarten zijn ooit vanuit het front toegekomen in hun geboortedorp. De jongens zelf, nooit meer.

Eduard had samen met zijn zonen duiven weggestoken want duiven houden was ten strengste verboden. Duiven bewezen de soldaten en hun oversten grote dienst als communicatiemiddel. Vliegende koeriers die tussen kogels en granaatscherven boodschappen moesten overbrengen. En dat was de Duitse bezetter niet ontgaan. Waarom ook duiven? Zij hebben immers de niet onbelangrijke eigenschap dat ze gemakkelijk onder gunstige weersomstandigheden snelheden kunnen ontwikkelen van meer dan honderd kilometer per uur. Dit maakte het ook voor de meest ervaren scherpschutters uitermate moeilijk om ze uit de lucht te schieten. Vrij vlug werden dan ook roofvogels zoals haviken en buizerds ingezet om de duiven te onderscheppen. Hoe efficiënt dit idee ook was, praktisch was het geenszins, want de roofvogels maakten natuurlijk geen onderscheid tussen ‘bevriende’ en ‘vijandelijke’ postduiven.

Duiven werden echter niet enkel gebruikt om berichten over te brengen. Sommigen waren voorzien van een miniatuur fotoapparaatje om daarmee over de vijandelijke linies te vliegen en zo bepaalde strategische posities van de Duitsers beter in kaart te brengen. Meestal waren de foto’s evenwel onduidelijk en dus weinig bruikbaar. Een ruwe schatting maakt gewag dat gedurende de Eerste Wereldoorlog door beide strijdende partijen samen ongeveer honderdduizend duiven zijn ingezet. De meesten van hen was een kort bestaan beschoren… Duiven waren spionnen. De drones van heden.

 

Vaillant en Cher Ami, enkele helden uit Wereldoorlog I

Bekend is het verhaal van de Franse oorlogsduif “Vaillant” die in 1916 tijdens de Slag bij Verdun op bijna heroïsche wijze een wanhoopsboodschap overbracht om een omsingelde eenheid ter hulp te snellen. Het diertje kweet zich voorbeeldig van zijn taak maar, bevangen door giftige gasdampen, vloog het daarna stervend het thuishok binnen. De duif ontving na afloop van de oorlog postuum de hoogste militaire onderscheiding, het ‘Légion d’honneur’, werd opgezet en verkreeg een ereplaats in een legermuseum.

Cher Ami is een andere bekende postduif uit de Eerste Wereldoorlog. De duif ontving het Croix de guerre voor het afleveren van 12 belangrijke berichten in Verdun. Haar laatste heldendaad was op 3 oktober 1918. 500 man geallieerde troepen van de Amerikaanse 77e divisie waren ingesloten in een vallei, zonder eten en munitie, en ook nog eens bestookt door eigen vuur. Nadat twee postduiven door de Duitsers waren doodgeschoten, was Cher Ami de laatste kans om een bericht over te brengen. Deze duif werd eveneens aangeschoten maar wist toch de eigen linies te bereiken, waardoor 194 overlevenden konden worden gered. De duif was toen aan één oog blind, door de borst geschoten en één poot moest worden geamputeerd. De duif is uiteindelijk in 1919 aan haar verwondingen overleden. Cher Ami wordt opgezet en tentoongesteld in het Smithsonian in Washington D.C. In de decennia na de Eerste Wereldoorlog genoot Cher Ami een enorme bekendheid onder andere in de Verenigde Staten.

 

De wet van 1923

Na de oorlog bleven de duiven gemeengoed in alle oorlogslegers. In België kwam zelfs wetgeving bij te pas. Zo kwam er de wet van 24 juli 1923 ter bescherming van de militaire duiven en ter beteugeling van het aanwenden van duiven voor bespieding. Omwille van die oorlogsrol voorziet de Belgische wet dat alle duivenliefhebbers zich moeten registreren bij hun burgemeester en aansluiten bij een duivenmaatschappij aangesloten bij den nationalen Duivenliefhebbersbond, (toegelaten door de Minister bevoegd voor de Volksgezondheid). De K.B.D.B. werd dus opgericht om en de duiven en de duivenliefhebbers te registreren. Niet om duivenwedstrijden te organiseren.

En zo kwam het dat Louis en zijn broers later in 1935 een duivenmaatschappij hebben gesticht in hun dorpscafé. En deze maatschappij…. is er nog steeds. In hun geboortehuis!

 


Naar overzicht van nieuws

Reageren


Om te reageren dient u aangemeld te zijn.
Terug naar boven